Een veertje op mijn enkel
- bartpookvennix
- 27 jan
- 2 minuten om te lezen

Soms kijk ik naar mijn enkel en glimlach ik. Daar, net boven mijn schoenrand, zit een klein, fijn veertje. Geen los veertje van een vogel die voorbijvloog, maar een tatoeage. Zwart, zacht, eenvoudig. Een blijvende herinnering aan mijn omaatje.
Mijn oma was een bijzondere vrouw. Een dame met stijl, die haar haar keurig in de krul had, altijd een nette blouse droeg en nooit maar dan ook nooit iets zou hebben overwogen als… een tatoeage. Ze vond dat maar niks. Dat was niets voor keurige mensen zoals zij. Maar ja, dementie verandert dingen. Niet alleen herinneringen en gezichten, maar ook grenzen. Soms opent het onverwachts nieuwe deuren.
Aan het einde van haar leven was oma regelmatig verdrietig of boos. Niet omdat ze dat wilde, maar omdat ze de grip aan het verliezen was. Haar wereld werd kleiner, onzekerder. Maar gelukkig had ze geweldige zorgmedewerkers om zich heen. Mensen die niet alleen zorg gaven, maar écht zagen wie mijn oma was. Die verder keken dan het ziektebeeld en op zoek gingen naar wat haar raakte.
En daar kwam de vlinder.
Voor oma stond een vlinder symbool voor haar man mijn opa. Elke keer als ze een vlinder zag, zei ze: “Daar is hij weer.” Alsof hij even kwam kijken, even kwam groeten. Eén van de zorgmedewerkers kwam op een idee: een vlindertje, als plakplaatje. Een nep-tatoeage, gewoon voor de lol. Oma straalde. En toen het vlindertje vervaagde? Kreeg ze een nieuwe. Steeds weer. Dat kleine gebaar gaf haar houvast, een gevoel van verbinding met opa, met zichzelf, en met de mensen om haar heen.
En weet je wat nou het grappigste was? Die keurige dame die haar hele leven vond dat tatoeages “niks waren voor mensen zoals zij”… die begon oprecht te genieten van haar vlindertatoeage. Ze showde ‘m zelfs. Trots. Alsof ze even die stoere oma was, die het leven gewoon omarmde zoals het kwam.
Ik heb er spijt van dat we toen niet samen een echte hebben laten zetten. Wat was het mooi geweest, zo’n oma-kleinkind moment met de geur van inkt en de trilling van verbondenheid. Maar het is goed zo. Mijn veertje is mijn herinnering aan haar. Licht. Lief. Vrij.
In de ouderenzorg draait het vaak om protocollen, schema’s en diagnoses. Maar wat echt telt, zijn die kleine gebaren. Die momenten van menselijkheid. Een plakplaatje. Een glimlach. Iemand écht zien, zoals die zorgmedewerker bij mijn oma deed. Niet de dementie, maar de vrouw erachter. Niet de verwarring, maar de betekenis.
Dus als je werkt in de zorg, of misschien gewoon voor een dierbare zorgt, wil ik je dit meegeven: kijk goed. Hoor wat niet wordt gezegd. En geloof in de kracht van een vlinder op een rimpelige hand.
Misschien herken je het. Misschien heb jij ook zo'n veertje, ergens op je huid of in je hart.
Liefs,Broeder Bartje


Opmerkingen